Buro Prinor

Presentatie, Informatie, Organisatie

Tolerantie

 

Maandag 29 januari werd het startschot gegeven voor het project RespectOn in Venray. Een project, zo stond in de uitnodiging die ik ontving, waarbij het sleutelwoord tolerantie is. Verder stond er dat het een beweging is die tolerantie openlijk bespreekbaar maakt en waar nodig wil stimuleren. Klinkt allemaal veelbelovend, maar toch had ik er een kanttekening bij, of eigenlijk wel drie

Ik hoorde voor het eerst over dit project toen ik deelnam aan de werkconferentie voor Maatschappelijke Organisaties begin december in Roermond. De vraag: ‘Hoe kunnen we elkaar begrijpen en naar elkaar luisteren in deze turbulente tijden?’ stond die middag centraal en ik volgde de workshop ‘Radicalisering en polarisering’ met als gespreksleider Paul Jacobs in samenwerking met Ivo Heuts, projectleider Tolerant Minds. Tolerant Minds is een beweging die opgestart is door Jongeren Netwerk Nederland (JNL) en heeft als doel polarisatie onder jongeren tegen te gaan en tolerantie te bevorderen.

Vanwege de deelname aan deze conferentie stond mijn adres in het bestand en ontving ik een uitnodiging en was ik dus aanwezig bij de startbijeenkomst. Vooral omdat ik nieuwsgierig was of ik mijn kanttekeningen zou moeten bijstellen.

En dan nu mijn kanttekeningen.

Allereerst hetgeen ik ook tijdens de workshop, en daarvoor al eerder op veel andere plekken, heb aangegeven wanneer het gaat om radicalisering. Men richt zich daarbij altijd op de jongeren tussen 12 en 18 jaar. Naar mijn mening kun je dan al te laat zijn en is het nodig om bij de basis te beginnen en dat is de opvoeding. Wanneer ik nu naar het project kijk, zie ik weinig concreets terug over radicalisering. En dat hoeft ook niet. Het begint natuurlijk eerst met hoe we met elkaar omgaan. Wel mis ik de ouders, maar ik ga er van uit dat die in de loop van de drie jaar dat het project duurt, ergens in mee genomen gaan worden.

Mijn tweede kanttekening is de samenstelling van de organisatie, want die bestaat vooral uit ‘de witte Nederlander’. Heel mooi natuurlijk dat die zich hiervoor inzetten, maar om het goed te laten slagen heb je input en samenwerking nodig van ‘de anderen’. Organisaties als SMKK (Stichting Meer Kleur en Kwaliteit) en PPD (Provinciaal Platform voor Diversiteit) waren wel betrokken bij de werkconferentie, maar zie ik nu nergens meer terug. De aanwezigen bij de startbijeenkomst waren, - en iemand maakte op Facebook ook al die opmerking - , niet erg divers. Het antwoord, in dit geval van de gemeente Venray, was dat iedereen welkom was. Ja, dat geloof ik graag, maar om ze ook daadwerkelijk te bereiken heb je andere mensen en andere manieren nodig.

Mijn laatste kanttekening is ook meteen de belangrijkste, namelijk het woord ‘tolerantie’. Het viel mij meteen op toen ik de uitnodiging ontving en heb dan ook direct gereageerd. Ik heb een mail gestuurd en daarin aangegeven dat ik vind dat tolerantie niet genoeg is, want in tolerantie ligt een niveauverschil. De een tolereert de ander. Andere woorden voor tolereren zijn verdragen en dulden. We tolereren dat iemand anders is, dulden en verdragen het dus, maar niet meer dan dat. Het gaat om accepteren dat iemand anders kan zijn, maar toch gelijkwaardig is. Acceptatie en gelijkwaardigheid zouden de sleutelwoorden moeten zijn.

Ik ontving een reactie van Ivo Heuts die aangaf dat de woorden gekozen zijn door de jongeren zelf. De insteek zou zijn dat het vooral een project voor en door jongeren wordt. Oké, denk ik dan, dat kan, maar moet je dan in al je uitingen zoals bijvoorbeeld de website daarin meegaan? In de uitleg van het project zou je toch verder kunnen gaan dan de termen die jongeren gebruiken! “Een tolerante samenleving maken we samen”, “Jongeren Netwerk Limburg maakt werk van tolerantie“. “…we gaan tolerantie bevorderen”, zomaar wat zinnen van de website. Daarnaast begreep ik tijdens de avond dat de aanleiding van het geheel een opmerking is geweest van Statenlid Jan van de Ven, die bij de Gedeputeerde had gepleit voor meer tolerantie.

Het startsein werd gezamenlijk gegeven op een originele manier. Met lampjes vormde de deelnemers een grote R, het logo van het project. Mijn kanttekeningen waren niet bijgesteld. Maar gelukkig ging ik nog even terug naar binnen om te netwerken en zocht ik contact met iemand wiens naam genoemd was en waar ik benieuwd naar was. Mijn eerste vraag aan haar was wat ze vond van de term tolerantie en ze bevestigde mijn mening, zonder dat ik die zelf gegeven had. Maar wie is er beter in staat om dit om te gaan buigen dan zij! Şeydâ Buurman-Kutsal! Ze kwam me al bekend voor, maar ik kon het niet meteen plaatsen. Gelukkig vertelde ze het snel zelf. Ik kende haar van Het Grote Racisme Experiment.

Ik sprak met haar nog over andere dingen, maar haar betrokkenheid bij het project maakte dat ik er de volle vertrouwen in heb. Het maakte dat ik mijn kanttekeningen aan de kant zet. Natuurlijk zal ik het blijven volgen, maar die avond ging ik met een goed gevoel naar huis.

 

Amina Sebbar, januari 2018